Ets
Ets
techniekDaniel Hopfer (circa 1470, Kaufbeuren – 1536, Augsburg) was een Duitse kunstenaar waarvan men aanneemt dat hij de eerste is geweest die gebruik maakte van de etstechniek voor het maken van afdrukken. Daarnaast maakte hij ook houtsnedes. De ets is een diepdruktechniek en een lijnprocédé: egale vlakken kunnen niet worden gedrukt ( wel d.m.v. aquatint ). Een plaat van koper of zink wordt met een dunne was- of harslaag bedekt. Met een naald krast de kunstenaar in spiegelbeeld lijntjes in de afdeklaag. De metalen plaat wordt in een zuurbad gelegd, waardoor de lijntjes worden uitgebeten. Vervolgens wordt de afdeklaag verwijderd en inkt in de uitgebeten lijnen gewreven. Daarna wordt de plaat schoongeveegd, dit heet afslaan, zodat de inkt alleen in de groeven blijft staan. Nu kan er een afdruk met de drukpers worden gemaakt. De inkt wordt door het persen op het papier gedrukt. De ets is een reproductietechniek die wordt gebruikt door kunstenaars en geen toepassing kent in de commerciële grafische industrie.
AquatintEtstechniek om toch vlakken met een egale toon te verkrijgen. De etsplaat krijgt bij deze techniek een structuur, een grein, zodat de inkt niet alleen in smalle groeven maar ook op vlakken blijft zitten. Aquatint werd eerst alleen als aanvulling van de lijnets toegepast, later ook zelfstandig. Vernis mou Etstechniek om korrelige lijnen te verkrijgen. Een zachtere etsgrond dan normaal wordt bedekt met vochtig, korrelig papier. Op het papier wordt met een harde stift getekend. Wanneer het papier wordt weggehaald, blijven daar waar getekend is, deeltjes etsgrond aan het papier zitten. Dit geeft bij het bijten (etsen) korrelige lijnen. Voor het eerst toegepast ca. 1600, maar vooral in de 18de eeuw. Droge naald De droge naald is geen etstechniek, maar wel een aan de ets verwante diepdruktechniek. Zie ook : overzicht van druktechnieken |